Het belang van passende clubs.  
Het aanleren en onderhouden van een goede swingtechniek is natuurlijk het belangrijkste om goed golf te kunnen spelen. Goed passende clubs zijn echter ook heel belangrijk om een natuurlijke swing te kunnen ontwikkelen en consistent te worden in de zuiverheid en afstand van onze slagen.
Slecht passende clubs zorgen ervoor dat we onze swing moeten aanpassen aan de clubs, zodat we nooit zo goed zullen slaan als we eigenlijk kunnen.

Vooral ook voor beginnende golfers is dit belangrijk, omdat zij dan meteen een goede golfswing kunnen ontwikkelen en alle hulp van goed passende clubs kunnen gebruiken.

Een golfclub heeft een aantal eigenschappen die, samen met de kwaliteit van de golfswing, van grote invloed zijn op de afstand, de zuiverheid en de hoogte van de balvlucht. Tevens heeft het eigenschappen die sterk bepalen hoe consistent die resultaten kunnen zijn en of de club "lekker" of juist "niet lekker" aanvoelt.

Als deze eigenschappen niet goed op de golfer zijn afgestemd dan zullen de golfclubs nooit maximaal kunnen presteren. Hierdoor zullen de clubs de golfer niet (voldoende) helpen en, als ze echt slecht passen, er zelfs voor kunnen zorgen dat de golfer gefrustreerd raakt met zijn resultaten en het golfspel vaarwel zegt.

Het is zeer de vraag of de clubs die je kant en klaar in een golfwinkel kan kopen goed bij je passen.
Zulke clubs worden gemaakt voor de massamarkt en zijn zelden afgestemd op de individuele golfvaardigheid of minder gangbare fysieke eigenschappen. Tevens worden deze clubs tegen zo gering mogelijke kosten aan de lopende band geassembleerd, waardoor er geen correcties plaats vinden van de tolerantieverschillen die tijdens de productie van de componenten (het handvat of de grip, de steel of de shaft en het clubhoofd) zijn ontstaan.
Elke golfer is uniek en om de beste resultaten te kunnen behalen dienen de golfclubs dan ook op maat te zijn gemaakt.
Dit geldt niet alleen voor elke club apart, maar zeker ook voor de samenstelling van de set.

Om er achter te komen welke clubs goed passen kan je het beste naar een gediplomeerd clubfitter gaan.
Alhoewel sommige golfshops en internet winkels de mogelijkheid geven om de standaard clubs uit hun assortiment te laten aanpassen op lengte, de soort shaft, de gripdikte en soms de lie, is dit geen echte en goede clubfitting omdat hier niet alle belangrijke eigenschappen worden "aangepast". Dit wordt dan ook nog gedaan op basis van onvoldoende en mogelijk niet juiste metingen van de golfer en zijn swingtechniek. Het resultaat hiervan is dat deze clubs dan nog steeds niet goed bij de golfer passen.

Bij de echte clubfitter worden bij de clubfitting wel de juiste specificaties bepaald van de clubs en de set die het best bij je passen. Dit wordt door de clubfitter gedaan op basis van zijn metingen, observaties en analyse van de lichaamsbouw, de swingtechniek en de sterke en zwakke punten van het spel van de betreffende golfer

De specificaties omvatten niet alleen de lengte, de lie, het gewicht, de balans, de gripdikte en de flexibiliteit van de clubs maar ook de keuze uit de meest geschikte combinatie van componenten (koppen, shafts en grips).
Deze componenten worden door clubmakers betrokken bij gespecialiseerde bedrijven, die zich door gedegen "research en development " met ieder "groot" kant en klaar merk kunnen meten. 
Deze leveranciers assembleren dus zelf geen golfclubs maar leveren de losse componenten waarmee de professionle clubmaker echt maatwerk kan leveren.

Onderdelen, eigenschappen en begrippen.
Een golfclub bestaat uit een handvat (grip), een steel (shaft) en een clubhoofd (kop, head), waarbij voor een fraaie overgang van de steel naar de kop meestal ook een kleine zwarte plastic manchet (ferrule) wordt gebruikt.

De grip is in verschillende diktes, materialen (rubber, leer, synthetisch), stroefheid en hardheid te krijgen. De grip voor een normale putter mag afgeplat zijn, maar voor alle andere soorten clubs moeten de grips een ronde diameter hebben.

Voor de shaft wordt meestal staal of graphite (carbon al dan niet gemengd met andere kunststoffen) gebruikt. De keuze wordt bepaald door het gewenste gewicht van de club en niet door de gewenste flexibiliteit. In beide materialen zijn shafts te krijgen die in flexibiliteit (souplesse) variëren van erg stijf tot heel soepel. Hiervoor worden vaak de termen X-Stiff, Stiff, Regular, Medium of Average en Lady Flex gebruikt. In de golfindustrie zijn deze indicaties voor de flexibiliteit van een shaft echter niet gestandaardiseerd. Dit houdt in dat een Stiff shaft van fabrikant A net zo soepel kan zijn als de Regular shaft van fabrikant B, enz.. De enige die hier duidelijkheid in kan scheppen is een goede clubmaker die de flexibiliteit en het buigprofiel van een shaft met speciale apparatuur kan meten.

Er zijn koppen voor een driver, wood, hybride, ijzer (incl. wedge), chipper en putter en ze zijn meestaal gemaakt van roestwerend staal of titanium. Bij de uitleg over de soorten golfclubs is aangegeven waartoe ze dienen.

Een kop is onder te verdelen in een hals (hosel) waar de shaft in komt, het blad (face) waar de bal wordt geraakt en het lichaam (body) dat de rest van de kop vormt. Als we de kop verder vergelijken met onze voet en de shaft in de hosel ons been, dan moet het duidelijk zijn wat de zool (sole), de teen (toe) en de hiel (heel) van de kop zijn.

Alle koppen hebben een "loft" en een "lie" (spreek uit "laaj").
De loft is de hellingshoek waarmee het blad achterover helt t.o.v. een loodlijn voor het blad en de lie is de hoek tussen de hals (en dus ook de shaft) en de zoollijn van de kop. De loft is belangrijk voor hoe hoog en de lie hoe recht we de bal kunnen slaan.
Tevens is een goed verschil in loft (plm. 4 graden) tussen opvolgende clubs de belangrijkste voorwaarde voor een constant verschil in afstand van de slagen met die clubs. Afhankelijk van de swingsnelheid zal dit verschil circa 8-12 meter zijn. Het juiste verschil in loft tussen bijvoorbeeld de ijzers 6, 7 en 8 zorgt er dus voor dat de ijzer 7 circa 8-12 meter minder ver slaat dan een ijzer 6 en ongeveer 8-12 meter verder dan een ijzer 8.

Alleen de kop van een ijzer kan ook nog een "bounce" hebben als de zool van voor naar achter (dus haaks op lijn van de hiel naar de teen) een bolling heeft waardoor, als de kop met de zool op de grond wordt geplaatst,de onderrand van het blad iets boven de grond blijft. Deze bounce dient bij een slag te voorkomen dat de kop zich te makkelijk in de grond en/of het zand graaft

IJzers zijn in "blades" en "cavity-backs" te verdelen. Bij een blade is het materiaal van het lichaam en daarmee het gewicht min of meer gelijkmatig (met enige concentratie vlak achter het middelpunt van het blad ) over de hele vorm van het lichaam verdeeld. Bij een cavity-back is het materiaal zoveel mogelijk bij de teen, de hiel en de zool geplaatst waardoor er een "uitgeholde" ruimte (de cavity) achter het blad ontstaat. Dit wordt gedaan om de kop zoveel mogelijk weerstand te geven tegen het wegdraaien van de kop als de bal niet precies in het midden van het blad wordt geraakt. Hierdoor zal de bal bij een slag buiten het middelpunt van het blad minder afstand en zuiverheid verliezen dan als de kop daarbij makkelijk wegdraait. Zulke koppen worden dan "vergevingsgezind" genoemd. Een kop met een cavity-back is dus vergevingsgezinder dan een blade . Het verschil in vergevingsgezindheid tussen de verschillende modellen cavity-backs is niet zodanig dat dit in de praktijk echt merkbaar is.

Hoe groter de kop, hoe verder het zware materiaal van de kop van het middelpunt van het blad is geplaatst, des te groter is de weerstand van de kop tegen het wegdraaien van het blad als de bal buiten het middelpunt van het blad wordt geraakt. Deze weerstand wordt ook wel met het MOI (Moment Of Inertia) van de kop aangeduid. Hoe hoger het MOI des te groter de weerstand.

Het blad van de kop van een driver of een wood heeft ook een "face angle". De face angle is de hoek die het blad van een driver of een wood maakt t.o.v. van de lijn naar het doel als de kop met de zool op de grond wordt geplaatst.
Als het blad perfect haaks op deze lijn staat, dan is de face angle 0 graden (recht of square). Wijst het blad iets rechts van het doel dan is de face angle x graden "open", wijst het links van het doel dan is het x graden gesloten/dicht of "closed". Bij een linkshandige kop is dat vice versa. Met deze eigenschap kan het telkens zijwaarts wegdraaien van de balvlucht (voor een rechtshandige is een draaiing naar links een "draw" of "hook" en naar rechts een "fade" of "slice") enigszins worden gecorrigeerd.

Het gewicht en de lengte van de club en vooral de loft van het clubhoofd zijn belangrijk voor de afstand van de slag. Daarom worden clubs met verschillende materialen, lengtes en lofts gebruikt om verschillende afstanden te kunnen overbruggen

Onderstaand overzicht geeft de relatie aan tussen de belangrijkste eigenschappen van een club en de vijf prestatiefactoren. De grootte van het belang wordt aangegeven met * (belangrijk) of ** (zeer belangrijk).

Eigenschap

Afstand

Zuiverheid

Hoogte Balvlucht

Gevoel

Consistentie

Clubhoofd

         

Loft

**

 

**

   

Lie

 

**

   

**

Face Angle

 

**

   

**

Zwaarte punt

*

*

*

*

*

Gewichtsverdeling

*

 

 

*

*

Shaft

         

Flex

*

 

*

*

 

Gewicht

**

*

 

**

*

Grip

         

Stijl/Materiaal

     

**

 

Dikte

 

*

 

**

*

Totale club

         

Lengte

**

**

 

*

**

Balans

**

*

 

**

**

Gewicht

**

*

 

**

*


Soorten golfclubs.  
Voor een rondje golf mogen we volgens de golfregels een set van maximaal 14 clubs meenemen.
Afhankelijk van wat we nodig denken te hebben om elke hole van de baan met zo min mogelijk slagen uit te spelen, kunnen we deze set uit de volgende soorten clubs samenstellen.

  1. Driver
    De langste club met de minste loft voor een maximale afstand bij de afslag van de tee.

  2. Fairway wood
    Moderne Drivers hebben een te groot clubhoofd (kop) om daarmee de bal vanaf de fairway te kunnen slaan.
    Fairway woods lijken op een driver met een kleine kop en worden gebruikt voor de meest verre slagen vanaf de fairway en/of voor de afslag op een par 3 hole als de driver daarvoor te ver slaat.

  3. Utility/Rescue wood
    Voor verre slagen vanaf de fairway of vanuit de (lichte) rough. Deze clubs lijken op fairway woods maar zijn iets korter en met een iets kleinere en zwaardere kop. Dit type club slaat iets minder ver maar wel wat makkelijker (vooral als de bal niet mooi op het gras of in de rough ligt) dan een klassieke fairway wood. Deze clubs kunnen enkele of alle klassieke fairway woods vervangen. De afstand van de slag wordt dan een beetje opgeofferd voor meer zuiverheid en consistentie.

  4. Hybride
    De kop van dit type club is een kruising tussen een wood en een ijzer en dient ter vervanging van een wood genoemd onder 2 en 3 en/of een ijzer genoemd onder 5. Een hybride slaat makkelijker dan de vervangen club omdat de hybride korter is of een clubhoofd heeft die de bal makkelijker wegslaat. Als een hybride een wood vervangt zal die door de kortere lengte iets minder ver maar wel consistenter en zuiverder slaan. Vaak wordt een hybride gebruikt om zowel een wood als een lang ijzer te vervangen. De hybride is eigenlijk ook de opvolger van de utility/rescue wood.

  5. IJzer
    Voor slagen vanaf de fairway of vanuit de lichte rough waarbij een bepaalde afstand met hoge zuiverheid moet worden overbrugd. Er zijn verschillende ijzers (nr’s 1 t/m 9, Pitching Wedge, Gap of Approach Wedge en Lob Wedge) waarmee de bal elk over een verschillende afstand kan worden geslagen. Hoe groter het nummer des te hoger en minder ver de bal gaat. De wedges worden gebruikt voor een heel hoge balvlucht en de kortste afstanden. De PW slaat hoger en minder ver dan de ijzer 9 en de GW weer hoger en minder ver dan de PW enz.

  6. Sand Wedge
    Een Sand Wedge is een speciaal ijzer om de bal uit een zandbunker te slaan. Het clubhoofd van een Sand Wedge is zodanig ontworpen dat het makkelijk door het zand glijdt. Deze wedge kan ook worden gebruikt voor "normale" slagen waarbij de hoogte en de afstand van de balvlucht ligt tussen die van de GW en de LW.

  7. Chipper
    Een speciale club om de bal die vlak bij de green ligt, dicht bij de hole te kunnen chippen. De club lijkt een beetje op een putter en de slag daarmee lijkt ook op een slag met een putter.

  8. Putter
    Een speciale club om de bal op de green met grote precisie in de hole te kunnen laten rollen.

Welke clubs moeten worden gekozen kan het best in overleg met een golfleraar of een clubfitter, die je sterke en zwakke punten van je golftechniek kent, worden gedaan. Dat iedereen een putter en een SW nodig heeft is wel duidelijk. De keuze van de overige clubs is ingewikkelder omdat dit sterk afhankelijk is van de kwaliteit van je swingtechniek en ook van de soort golfbanen waarop je het best wil scoren.

Meestal bestaat een volledige set uit de volgende 14 clubs:
- Driver
- Fairway woods nrs. 3, 5 en 7 (of vervangende rescue woods en/of hybrides)
- IJzers 4 t/m 9, PW, GW en SW
- Putter


Site map